Biggenbende |
|
|
Welke speler weet als eerste al zijn kaarten uit te spelen waarbij de medespelers volop tegenwerken? VERLOOP VAN HET SPEL: start: De spelkaarten zijn onderverdeeld in jokers en kaarten met een waarde van 1 tot 12. Alle kaarten worden geschud en als trekstapel neergelegd. Elke speler neemt 3 kaarten en legt deze gesloten in een rij voor zich. Daarna neemt elke speler 7 kaarten op handen, waarna elke speler kiest welke 3 kaarten hij open op een rij voor zich wil plaatsen. De overige 4 kaarten vormen zijn handkaarten. Eerst moeten de spelers hun handkaarten zien kwijt te raken, daarna hun open kaarten en tot slot de gesloten rij kaarten. Het spel wordt kloksgewijs gespeeld. verloop: Als een speler aan de beurt is, legt hij één of meer dezelfde kaarten uit zijn hand open op de aflegstapel. Daarna neemt hij een kaart van de trekstapel. Vervolgens is de volgende speler. Hij legt één of meer dezelfde kaarten uit zijn hand op de aflegstapel. De waarde van deze kaart(en) moet hoger of gelijk zijn aan de waarde van de bovenste kaart van de aflegstapel. Daarna neemt hij een kaart van de aflegstapel. Als een speler geen kaarten kan spelen, moet hij de aflegstapel op handen nemen. De volgende speler is dan aan de beurt. Er zijn enkele bijzondere regels:
Als de trekstapel op is, kan het voorkomen dat een speler geen handkaarten meer heeft. Aan het begin van zijn beurt kiest hij dan één of meerdere dezelfde kaarten van zijn openliggende kaarten en legt deze op de aflegstapel. Als de speler geen kaart kan spelen, moet hij de aflegstapel op handen nemen. Als een speler geen handkaarten heeft én zijn openliggende kaarten heeft uitgespeeld, moet hij een van zijn gesloten kaarten nemen en kijken of hij deze kan spelen. Als de speler de kaart niet kan spelen, moet hij de kaart en de aflegstapel op handen nemen. De speler die als eerste al zijn kaarten heeft uitgespeeld krijgt 3 fiches. Het spel gaat door tot een tweede speler zijn kaarten kwijt is; hij ontvangt 2 fiches. De overige spelers krijgen 1 fiche, behalve de speler met de meeste kaarten. Hij krijgt geen fiches. De kaarten worden geschud en een nieuwe ronde begint. eind: Het spel eindigt na vijf rondes of als alle fiches op zijn. De speler die de meeste fiches heeft is de winnaar van het spel. Spelinfo: Biggenbende, Richard Borg, University Games, 2006, 3-6 spelers vanaf 8 jaar, 30-45 minuten. |
|