|

| |
De spelers kruipen in de huid van Afrikaanse handelaars en proberen op de
markt hun goederen zo goedkoop mogelijk in te kopen en zo gunstig mogelijk weer
te verkopen, om uiteindelijk zoveel mogelijk geld te verdienen.
VERLOOP VAN HET SPEL:
start: Alle goederen worden in een algemene voorraad gelegd,
gesorteerd per soort (zout, huid, zijde, sieraden, thee en fruit). Vervolgens
worden alle kaarten schud en als gedekte trekstapel neergelegd; elke speler
ontvangt gedekt 5 kaarten en neemt deze op handen. Tevens ontvangt elke speler
een marktplaats met 6 ruimte voor 6 goederen en een startkapitaal van 20
goudstukken (3 van "5" en 5 van "1").
verloop: Als een speler aan de beurt is, mag hij voor 5 actiepunten
acties uitvoeren. Daarbij doorloopt hij de volgende 2 fasen:
- Een kaart van de trekstapel op handen nemen; in deze fase neemt de
speler voor 1 actiepunt de bovenste kaart van de trekstapel en besluit
vervolgens om deze te houden of om op de aflegstapel te leggen. Als de
speler de kaart op handen neemt, gaat de volgende fase in. Als de speler de
kaart op de aflegstapel legt, mag hij kiezen of hij, weer tegen 1 actiepunt,
nog een kaart van de trekstapel neemt of doorgaat met de volgende fase. Een
speler mag ook afzien van deze eerste fase en direct doorgaan naar de
volgende fase.
- Eén of meer acties uitvoeren; in deze fase mag de speler zijn
overige actiepunten gebruiken bij het inzetten van kaarten, elke actie kost
1 actiepunt:
- De speler kan uit zijn hand 1 warenkaart spelen om de
afgebeelde waren te kopen; hij betaalt hiervoor het linksonder
aangegeven aantal goudstukken en plaatst de goederen in zijn marktstand;
als hij voor het plaatsen van goederen zijn 6e veld moet gebruiken,
betaald hij eenmalig 2 goudstukken.
- De speler kan goederen in zijn marktstand verkopen; hij speelt
hiervoor een warenkaart en ontvangt hiervoor het rechtsonder aangegeven
aantal goudstukken. Zowel bij het inkopen als verkopen geldt dat de
exacte combinatie van goederen geplaatst moet kunnen worden
respectievelijk aanwezig moeten zijn.
- De speler kan een dieren- of personenkaart inzetten en de
daarbij behorende actie uitvoeren.
- De speler kan een voorwerp uit zijn hand spelen en voor zich
neer leggen. De op de kaart beschreven actie kan de speler naar keuze
elke beurt 1 maal uitvoeren; elke speler mag maximaal 3 voorwerpen voor
zich hebben liggen
Als een speler aan het eind van zijn beurt nog 2 of meer actiepunten over
heeft, ontvangt hij een goudstuk. Vervolgens is de volgende speler aan de
beurt.
eind: Het spel eindigt zodra 1 speler 60 goudstukken of meer bezit;
zijn medespeler heeft nu nog 1 beurt de mogelijkheid om meer goudstukken te
verdienen. De speler met uiteindelijk het meeste goud wint het spel.
Spelinfo: Jambo, Rüdiger Dorn, Kosmos, 2004 - 2 spelers
vanaf 12 jaar, 30 - 45 minuten. |