Caesar & Cleopatra |
|
|
VERLOOP VAN HET SPEL: start: De spelers kiezen welk figuur zij willen spelen; Caesar of Cleopatra; zij nemen vervolgens alle kaarten met het desbetreffende figuur op de achterzijde voor zich. De verschillende patriciërs zijn verdeeld in 5 facties; 3 facties met 5 patriciërs en 2 facties met 3 patriciërs. De spelers moeten proberen per factie zoveel mogelijk patriciërs achter zich te krijgen. De spelers kunnen bonuspunten verzamelen door de meerderheid of zelfs alle patriciërs van een factie te bezitten. De patriciërs worden per factie open neergelegd. Elke speler schudt nu zijn actiekaarten en legt deze gedekt voor zich neer. Van de stapel invloedskaarten, neemt elke speler 2 kaarten van elke waarde 1 t/m 5 (elke speler heeft dus 10 kaarten). Nu leggen beide spelers van elke waarde 1 kaart gedekt bij een factie neer; de overgebleven 5 kaarten met de waarde 1 t/m 5 vormen de handkaarten van een speler. Elke speler schudt de overige invloedskaarten en legt deze op een gedekte stapel voor zich. De vertrouwensvraagkaarten worden geschud en op een gedekte stapel gelegd. verloop: In de beurt van een speler legt hij een invloedskaart bij 1 of 2 facties. Hierbij kan hij kiezen uit óf 2 invloedskaarten open neerleggen óf 1 invloedskaart gedekt neerleggen. Daarna vult de speler zijn handkaarten weer aan tot 5; dit mag hij doen met invloedskaarten van zijn gedekte stapel of met actiekaarten van zijn voorraadstapel. Aan het eind van zijn beurt wordt er een vertrouwensvraag gedraaid; als hierop de naam van een factie staat, worden alle kaarten bij deze factie per speler opgeteld en wordt bepaald wie de meeste invloed op deze factie uitoefent. Alleen als er een filosoof is gespeeld, wint de speler met de minste invloed. De winnaar krijgt de patriciër uit die factie in zijn bezit, maar verliest tevens zijn hoogste invloedskaart bij die factie. De verliezer verliest zijn laagste invloedskaart bij die factie. Als er een filosoof ligt, wordt deze ook verwijderd. Bij een gelijke invloed, blijft de patriciër in de factie, en blijven de invloedskaarten van beide spelers ook (open) liggen. Als de vertrouwensvraag een "orgie" is, wordt er geen ondervraging gehouden. De gedraaide vertrouwensvragen worden op de aflegstapel gelegd, behalve als de speciale "orgie" gedraaid wordt. Dan worden alle vertrouwensvragen, zoals op de kaart vermeld staat, geschud en weer gedekt neergelegd. De volgende speler is nu aan de beurt. eind: Het spel eindigt zodra beide spelers geen invloedskaarten meer kunnen spelen óf als alle patriciërs verdeeld zijn. De speler met de meeste invloed, inclusief de eventuele bonuspunten, wint het spel. Spelinfo: Caesar&Cleopatra, Wolfgang Ludtke, 999Games, 1997 - 2 spelers vanaf 10 jaar, 30 - 40 minuten. |
|